Persbericht REA Limburg: opnieuw wrakingsverzoeken in de zaak Costa

03/02/2026

De rechtbank van eerste aanleg Limburg neemt kennis van een nieuw verzoek tot wraking van de rechters in de zaak Costa. De rechtbank is overeenkomstig de huidige wetgeving verplicht om de procedure van de wraking toe te passen en de zaak te schorsen. 

In september reeds werd op de eerste dag van de herstart van de behandeling van de zaak Costa zijn er twee verzoeken tot wraking ingediend tegen twee rechters. 

Vandaag is tegen de drie rechters opnieuw een wrakingsverzoek ingediend, nadat de behandeling van de zaak Costa gisteren werd hervat.

De griffie van de rechtbank verwittigde onmiddellijk de voorzitter en maakte het verzoek tot wraking aan de gewraakte rechters over.

Bij een wraking gaat een partij ervan uit dat de rechtbank niet langer onpartijdig en onafhankelijk kan oordelen.

In dit geval besliste de rechtbank gisteren om de behandeling van de zaak verder te zetten en de strafvordering wat betreft twee beklaagden af te splitsen omdat zij niet konden worden uitgeleverd vanuit het buitenland. De partij die de wrakingsverzoeken heeft ingediend, stelt dat de rechters door de behandeling verder te zetten, niet meer onpartijdig kunnen oordelen omdat de rechters bij deze beslissing:

  • ten onrechte rekening zouden hebben gehouden met de redelijke termijn in strafzaken, die bepaalt dat elke beklaagde het recht heeft op een behandeling van zijn zaak binnen een redelijke termijn;

  • onvoldoende rekening hebben gehouden met de belangen van de beklaagden die zich verzet hadden tegen een afsplitsing.

Daarnaast ging de rechtbank gisteren voorlopig niet in op het verzoek van bepaalde partijen om nog bijkomende stukken te laten voegen aan het strafdossier en de beoordeling hiervan later te doen na de verdere pleidooien. De partij die de wrakingsverzoeken heeft ingediend stelt dat de rechters hierin te pragmatisch zijn geweest, onvoldoende rekening hebben gehouden met het recht op een eerlijk proces en door deze beslissing niet meer onpartijdig en onafhankelijk kunnen oordelen.

De wet bepaalt dat de gewraakte rechters nu 2 dagen hebben om te beslissen of zij berusten in de wraking of weigeren zich van de zaak te onthouden. Vanaf de mededeling van het verzoek tot wraking aan de rechters ligt de zaak Costa stil (“alle vonnissen en verrichtingen zijn geschorst”). De rechters hebben overeenkomstig de wet volgende twee mogelijkheden:

  1. Berusten in het wrakingsverzoek, dan stelt de voorzitter van de rechtbank andere rechters aan. Deze rechters moeten vrijgemaakt worden en zich inlezen in het strafdossier. 

  2. Weigeren zich van de zaak te onthouden. Dan wordt het wrakingsverzoek en de repliek van de rechters overgemaakt aan het hof van beroep Antwerpen. Het hof kan dan een beslissing nemen over het verzoek tot wraking.

Door deze wraking wordt de rechtbank in haar functioneren sterk verstoord. Binnen de huidige wetgeving is de impact van een wraking erg groot op de dienstregeling van de rechtbank, hierbij rekening houdend met het historisch tekort aan rechters.

De rechtbank is overeenkomstig de huidige stand van de wetgeving verplicht om de procedure van de wraking toe te passen en de zaak te schorsen. 

De rechtbank houdt iedereen verder op de hoogte.